Elke dag kip

Ik vind kip zo lekker. Zo lekker dat ik het wel elke dag wil eten. Dus als de begeleiding aan mij vraagt, wat zullen we vandaag eens gaan eten, dan zeg ik: “Kip, kip en nog eens kip.”

Vandaag is anders dan andere dagen wanneer ik thuis kom. Ik weet niet waarom, maar het is gewoon even anders. Trudy, mijn begeleider, zit aan de grote eettafel. Dat is al anders, want meestal als ik thuis kom gaat Trudy meteen koffie en thee zetten en dan gaan we gezellig een bakkie doe. Trudy koffie en ik thee. Want ik lust geen koffie. Jakkie.

Thee met heel veel suiker. Ik doe wel snel veel suiker in mijn thee als Trudy even niet kijkt, want anders mag het niet. Want Trudy zegt dat veel suiker niet goed is en op mijn billen gaat zitten. Ik heb wel eens gekeken, maar zie geen suiker op mijn billen. Ze kletst maar wat. Trudy en ik nemen dan ook altijd een koekje uit de trommel die boven op de kast staat. De trommel staat zo hoog, dat ik er niet zomaar bij kan. Ik moet dan eerst een stoel pakken en dat hoort Trudy dan en dat mag niet. Soms wil ik wel eens stout zijn en heel snel een koekje pakken. Ja, en dat mag ook niet, want dan hebben de andere mensen met wie ik woon niets en dan zien ze alleen maar een lege bus. Opperdepop is het dan. Lees meer..

Mijn wortels

De dekenkist van mijn moeder, van zwart ebbenhout met prachtige afbeeldingen er in gesneden, heeft altijd tot mijn verbeelding gesproken. Het is de vraag of het ebbenhout is, hadden ze dat in Indonesië wel?

In onze familie leven allerlei verhalen over onze afkomst. Mijn oma van moeders kant zei altijd dat ze van Franse origine was; haar ouders zouden naar Suriname gevluchte Hugenoten zijn. Dat zou kunnen, het betekende in elk geval dat mijn broer en ik ’s avonds voor het slapen gaan altijd zeiden: “Wel te rusten, bonne nuit”. Lees meer..

Een echte schrijfster

img_2536Wie wil er nou niet een keer een vraag stellen aan de schrijfster van een boek dat je met je klas aan het lezen bent?

De leerkracht van een school op Curaçao heeft in het kader van de Kinderboekenweek gevraagd of ik via skype met de kinderen wilde praten over mijn boek “De Verschrikkelijke Sneeuwman”. Het is geschreven voor kinderen op de ABC-eilanden, die zowel Nederlands als Papiamento leren lezen. Het concept is eenvoudig, er staat een stukje tekst in het Nederlands en de vertaling staat er op dezelfde bladzijde onder in een andere kleur. Zo kunnen de kinderen de teksten vergelijken. Lees meer..

Afscheid van een vriend

DSC_4738Het is donderdagmorgen kwart over 11. We komen terug van een vergadering. Het antwoordapparaat knippert en ik luister de band af en hoor een stem die vraagt of we willen terugbellen. Het is mij niet duidelijk van wie die stem is. Hij praatte snel en binnensmonds.

Om aan deze onzekerheid een einde te maken, bellen we het achtergelaten nummer terug.  ‘Met Kees’. ‘Oh, Kees, hoe is het met jou? We zijn blij van je te horen’. ‘Zit je’, reageert hij. ‘Neen, ik zit niet’. ‘Ga maar even zitten’ . Van alles schiet door mijn hoofd. Er moet iets aan de hand zijn en snel vraag ik: ‘Is er iets met je vrouw, je kinderen?’ En dan is het stil. ‘Neen, ik ben ziek en het is ernstig. Het gaat niet goed ’.  ‘Wat is er dan aan de hand Kees?’  ‘Ik ben ernstig ziek en het gaat erg snel’, zijn stem wordt heser. ‘Hebben jullie tijd om langs te komen, ik wil jullie graag zien’. Lees meer..

Grensoverschrijdend gedrag (deel 2): buiten gesloten worden

2-DSC_0570Onze zoon Marcel wordt beschuldigd van het plegen van grensoverschrijdend gedrag. Maar wat de beschuldiging nu inhoudt,  is ons niet duidelijk. Tegelijk horen we dat Marcel ook slachtoffer is en toch wil men hem voor onbepaalde tijd overplaatsen naar een andere woonomgeving. Enkele dagen voor de verhuizing,  krijgt hij dit besluit  te horen van de leidinggevende Greta. Omdat hij niet begrijpt waarom hij weg moet van een woonplek waar hij het juist heel erg naar zijn zin heeft, legt  Greta aan hem uit: ‘Het is goed dat je even rust neemt’, onze zoon kijkt haar vragend aan: ‘Rust, hoezo, ik ben helemaal niet moe!’ Een reactie van een jong kind dat naar zijn bed wordt gestuurd.

Diezelfde avond komt Marcel  bij ons langs. ‘Mam, weet je wat ze willen gaan doen? Ik word ergens naartoe gebracht, ver van jullie vandaan en Greta zegt dat ik rust nodig heb. Waarom moet ik rusten?’ even is het stil.  ‘Heeft dit soms met Vera te maken?’,  Marcel is namelijk verliefd op haar. Zij woont in een ander huis en ziet haar soms tijdens het eten in de gezamenlijke eetruimte.  Ik knikte bevestigend.  Het brandt mij op de lippen om te zeggen dat Vera hem  beschuldigd heeft en wil het liefst gewoon het gesprek met hem hierover aangaan over wat er gebeurd zou kunnen zijn.  Zelf weten we weinig daar we geen enkele informatie krijgen , dan  dat Vera gezien is voor de deur van de woning van Marcel door de nacht dienst die in de woonlocatie van Marcel de nacht doorbrengt. Deze nacht locatie ligt naast het appartement van Marcel.
‘ Wordt zij ook overgeplaatst?’, vraagt  Marcel en en kijkt mij indringend aan ‘Dat hebben ze wel aan ons verteld, dat ze ook weg gaat’.  ‘Ik denk niet dat ze dat doen mam, Greta kan dat wel zeggen, maar ik geloof haar niet. Mam, weet jij hiervan?  Hebben ze dit met jou overlegd dat ik weg moet? Je bent toch curator?’ Lees meer..

Grensoverschrijdend gedrag (deel 1): een middel?

DSC_8831Daar we opnieuw geconfronteerd worden met een beschuldiging grensoverschrijdend gedrag, en we ook de ervaring hebben opgedaan, dat tot nu toe alle beschuldigingen niet terecht blijken te zijn, zijn we ons gaan afvragen of een beschuldiging  grensoverschrijdend gedrag ook een middel is geworden om een bewoner over te laten plaatsen in plaats met elkaar te gaan zoeken naar een goede begeleidingsvorm.

De eerste keer dat we met een beschuldiging te maken krijgen, heeft dat een enorm impact op je. En niet alleen op ons, maar vooral op degene die het betreft, ons gezin en de personen die ons zo nabij zijn. En uiteraard de vraag: ‘Met wie kan je dit delen? Want hoe vaak wordt er niet gezegd: waar rook is, is ook vuur’ .
Tijdens een vervolggesprek na de beschuldiging met de manager, vertelt ze dat er bewijzen zijn.  ‘Wat voor bewijzen? Wat is er dan gebeurd?’. Dat wil ze niet vertellen. Lees meer..

Kerstmis 2015

Kerst

Kerstmis 2015

Het is half 11
Ik lig nog op bed
Wacht en wacht
Maar waarop?
Het bed is nat.
Ik heb het koud.
Mijn kinderen komen altijd.

De bel gaat
Een vrolijke,
maar zeer haastige dame
Verschijnt in de deuropening
Ze wenst mij goedemorgen
Slaat mijn dekens weg
Vraagt wat ik wil
En zo zit ik in de stoel
Voor de tv
Het bed achter mij,
Is dichtgeslagen Lees meer..

Afscheid van onze zoon

afscheidOnderstaand  gedicht geschreven is geschreven om uiting te kunnen geven wat er kan spelen binnen de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en wat dit teweeg brengt voor allen die hiermee te maken hebben. We klopten bij veel deuren aan. Ook bij officiële instanties. Zij vertelden naast ons te staan.
Onze zoon is een zogenaamde ‘Brandoncasus’ . Een erkenning  schept de verwachting dat er eindelijk iets gaat gebeuren. Helaas. Niemand durft echt op te staan, ondanks dat men met zo velen is.  Men verschuilt zich achter excuses, die inmiddels als clichés ervaren worden. Ondanks de financiële middelen, die beschikbaar zijn, krijgt hij niet de juiste en deskundige zorg waarom hij vraagt. Veiligheid, duidelijkheid, gevoelens van er mogen zijn. Het zijn immers hele gewone dingen? Zoveel vraagt hij niet. Of toch wel?
Zijn niveau is  van matig naar diep verstandelijk beperkt afgegleden. Binnen enkele jaren is hij veranderd van een spontane goed verzorgde, hardwerkende jongeman, naar een zwerver die ‘s nachts op ramen  klopt in de hoop dat er iemand open doet. Soms zoekt hij een slaapplek in een schuur,  op een bank of onder de struiken. ’Ik kijk graag naar de maan’ vertelt hij dan. En gaat vervolgens  weer verder op zoek, op zoek naar zijn eigen veiligheid. Een veiligheid die hij niet meer in zijn eigen huis kan vinden. Daarvoor is teveel gebeurd. ‘Mam, kan ik niet weer bij jullie komen wonen?’ Dat kunnen wij niet meer. Onze zoon is  niet de enige die dit overkomt. Het is zo onnodig dat  mensen die grotendeels afhankelijk zijn van derden, dit overkomt.
Voor ieder die van hem houdt is deze situatie een voortdurend aanwezig verdriet en gemis waar moeilijk mee te leven is.
Lees meer..

Eitjes

eitjes‘Hoi buurvrouw, waar is buurman?’
‘Buurman is even een boodschap doen. Willen jullie op hem wachten?’
‘Nee dat hoeft niet. We komen alleen maar eitjes halen’.
‘Zal ik even met jullie meelopen? ‘. Ik doe net alsof ik niet weet waar de eitjes liggen.
Hans loopt hard voor mij uit, gevolgd door zijn zusje Maria.
‘Ik wijs je wel de weg’. Hij opent het kippenhok, duwt een kip aan de kant en roept: ‘ik zie wel 7 eitjes, dat is bijna genoeg. Mijn moeder heeft er 10 nodig’. En Maria vult aan: ‘Mijn moeder gaat pannenkoeken bakken. Wel heel veel’. Met haar handen wijst ze aan hoe hoog de stapel pannenkoeken gaat worden. Ik besluit mijzelf maar uit te nodigen omdat ik pannenkoeken ook lekker vindt. Maar dat idee wordt niet gedeeld.
We gaan naar binnen om de resterende eitjes op te halen zodat ze met een vol doosje naar huis kunnen gaan. Hans heeft een euro in zijn hand, en Maria 50 cent.
In de keuken kijken ze of in de eiermand grotere eieren te vinden zijn en die ruilen ze meteen om met een kleiner soort. Ook zijn ze erg precies of de eitjes wel schoon zijn en als dit niet het geval is, lopen ze naar de kraan en wassen ze deze zorgvuldig schoon.
Vervolgens nemen ze plaats aan tafel en overhandigen mij het geld.
‘Buurman heeft ons geleerd dat we eerst de eitjes krijgen en dan moeten betalen. Maar soms vergist hij zich en draait hij het om, en wil hij eerst het geld. Maar dat doen we niet meer. Daar trappen we niet meer in’, zegt Hans stoer. Lees meer..

De Schuilkelder

oorsprong (83)kelder.Met een klap slaat de deur achter ons dicht. Ik schrik enorm van dit onverwachte geluid en beef over heel mijn lichaam. Ik kan niet tegen afgesloten, donkere ruimtes.

Het is een prachtige herfstdag, de zon schijnt weer volop. Voordat we naar de schuilkelder gaan waar we een afspraak hebben met de boswachter, maak ik samen met Geert nog een wandeling door het bos rondom landgoed De Oorsprong. Het is heerlijk stil, alleen het ruisen van de beek horen we en in de verte een langskomende auto. De zon en de kleuren van de bladeren dragen ertoe bij dat we mooie foto’s kunnen maken. Aan het grothuisje hangt een blauw gestreept verschoten kinderjas. ‘Die is vast vergeten door een spelend kind. Of misschien gewoon van de fiets gevallen? Wel gek dat je zomaar een jas kan verliezen, die moet je toch een keer missen?’ Geert kijkt mij lachend aan: ‘Ben jij onlangs ook niet een jas kwijt geraakt!’ Lees meer..